Je klaagt veel te weinig

Oh ja? Sinds wanneer is klagen goed dan? En waarom zou ik meer moeten klagen? De bijbel zegt toch ook dat we niet mogen klagen over ons lot? Ja, dat is helemaal waar. Judas schrijft over de ongehoorzamen:

Zij zijn het die morren, die klagen over hun lot, die naar hun eigen begeerten wandelen.

Judas vers 16, alle teksten in deze blog zijn ontleend aan de bijbel in de Herziene Statenvertaling

Waarom zou je dan moeten klagen? Nou, we hebben het niet over zondig klagen. Of over klagen over het weer. Of de slachtofferrol waarin de mens zich soms thuisvoelt gelijk een varken in de modder. Bovendien blijft staan: Ons wordt geleerd door de Schrift dat we ons ten allen tijde moeten verblijden in de Here. Zonder pauze. Zonder onderbreking. Verblijdt u ten allen tijde. (Filippenzen).

Wat zou een mens dan nog klagen?

Klagen over ons lot is ondankbaarheid naar God. En dus zonde. Maar er is een vorm van klagen die bijbels is. En daarmee bedoel ik niet dat God het toestaat om bij bepaalde situaties bij uitzondering te klagen. Zoals bij het overlijden van iemand waarbij klaagliederen gezongen worden. Nee, God geeft ons zelfs alle reden tot klagen! Inderdaad, zo’n opmerking hoor je niet iedere dag.

De Heilige Geest heeft veel klaagliederen uitgewerkt in de levens van de heiligen in de bijbel. Dat zien we bij profeten en in veel psalmen. Hij heeft zelfs een heel bijbelboek gewijd aan klaagliederen. En niet voor niets. Er zou meer uit gepreekt kunnen worden mijns inziens. We zien hier hele diepe openbaringen over het leven en over God Zelf. Over lijden. Over hoop. God roept Zelf op tot klagen. Dat zien we bijvoorbeeld ook als Hij spreekt tot Ezechiël. ‘Hef een klaaglied aan’. Maar ook in Amos 5. Of je het ‘ik’ (het klaaglied dat ‘Ik’ aanhef) nu aan God of Amos toekent, het is God die het door Zijn Geest uitwerkt. Of rechtstreeks, of door Amos heen hetgeen nog steeds in zekere zin rechtstreeks is. Het is dus Gods klaaglied. God openbaart Zichzelf hierin. Hoe dichtbij is David geweest als hij psalm 22 uitspreekt. Zo dichtbij dat het ten diepste niet zijn eigen woorden waren, maar die van Christus! Ook al voelde hij de diepte van het lijden alsof het puur hemzelf aanging. Het is Christus die door hem heen spreekt. Daarom noemen we zulke psalmen ook Messiaanse psalmen.

We vinden dus klachten en klaagzangen in bijvoorbeeld Amos 5, Ezechiel 28-32, Micha 1, en een groot aantal psalmen. Niet alleen in het leven van David maar ook  de Korachieten  bijvoorbeeld. We ontdekken hier fundamentele principes die we kunnen leren. Namelijk dat God soeverein is. De klaagzang is tot Hem gericht en is geen gesprek tussen mensen. Het hart wordt als een offer voor God uitgestort. Ons hart behoort alleen aan God toe. In een klaagzang is altijd Goddelijke openbaring. En in een klaagzang, hoe diep de pijn ook is, komt altijd hoop naar voren. Hij is Degene die alles bestuurt. Ook al gaat de klaagzang over hen die verloren gaan en lijkt er geen hoop meer te zijn. We weten dat de satan geen kans meer heeft om zich te bekeren. Zijn lot ligt vast. En zo zijn er helaas ook mensen die verloren gaan. Maar voor Gods kinderen is er blijvende, vaste hoop. Want God heeft altijd het ‘laatste Woord’. En dat is altijd zuiver. Denk maar aan psalm 91 waar gezegd wordt:

Al zullen er duizend vallen aan uw zijde
en tienduizend aan uw rechterhand –
bij u zal het onheil niet komen.
Slechts met uw ogen zult u het aanschouwen,
u zult de vergelding aan de goddelozen zien.

Psalm 91:7-8

Klagen heeft een heel belangrijke plaats in de Schrift. Sterker nog: Ik ben ervan overtuigd dat we iets fundamenteels missen als we niet leren klagen zoals de bijbel het ons leert. Het woord ‘klagen’ krijgt zo een heel andere betekenis dan hoe we het meestal gebruiken in het dagelijkse leven. Zondig klagen zet jezelf centraal. Bijbels klagen openbaart Wie God is. Menselijk klagen gaat over slachtoffer zijn. Bijbels klagen gaat over dankoffer zijn. Niet alleen een offer brengen, maar een offer zijn. (Romeinen 12 o.a). Het uiten van een klaaglied is 1 van de manieren waarop God Zichzelf kan en wil uitdrukken. En de weg die God de mens biedt voor troost en bemoediging. Klagen is bij uitstek een Christelijke bezigheid. Onderschat het belang en de waarde daarvan niet!

Komt o dochters, helpt mij klagen.

Ziet Hem—wie?—de Bruidegom.

Ziet Hem—hoe?—zoals een lam.

Ziet dan—wat?—ziet Zijn geduld.

Ziet—waarheen?—op onze schuld.

Ziet Hem uit liefde en genade zelf het kruishout dragen.

De liefhebbers van de Matthaüs Passion herkennen meteen de eerste woorden van dit fenomenale werk van Bach. Er wordt een beroep gedaan op het hart en geweten om te komen helpen met klagen. Het klagen dat een mens heel dicht bij God brengt. Het toont de verbijsterende realiteit van de Onschuldige die moet boeten. De schuld die wij hebben door onze zonde. De pijn, het verdriet. De kleine Petrus in ons eigen hart die stoer praat maar toch zo vaak Jezus verloochent. Maar ook de vrede van God. De vrede met God. Redding en verlossing. Eeuwige vreugde. Daar waar de diepste pijn en de diepste vreugde elkaar omarmen.

Daar waar je berouw voelt over jouw zonde en huilt om Zijn pijn. Maar waar je je in je verdriet ook onuitsprekelijk verblijd in de Here. Wie zei ook alweer dat klagen en dankbaarheid haaks op elkaar staan?

Wat zou een mens dan nog klagen?

Dat vroeg ook Jeremia zich af. Het was echter een retorische vraag.

Komt niet uit de mond van de Allerhoogste voort het kwade en het goede? Wat klaagt dan een mens die leeft? Laat ieder klagen over zijn zonden!

Uit Klaagliederen 3

Klaag ze!

Heb je een verzoek of wens voor een bepaald onderwerp, voor een van de volgende blogs? Laat het weten via ons contactformulier.